Dit project is een onderdeel van de Kunstestafette Gouda, met als werktitel De Kunst van het Vestigen. De resultaten zijn te bezichtigen tijdens de Tentoonstelling vanaf 22/8/98 en tijdens het symposium 29/8/98. Binnen deze manifestatie wordt gewerkt aan drie verschillende projecten:

-De Franse Slag
(o.a. Carel Weeber)
-Pioniers van de Periferie
(.NL Architects & Hans Venhuizen)
-De 6% Regeling
(Tom Frantzen & Mustapha Driouch)

This project contains a sample of the MVRDV project "GOTHICS", cleared by jVR, 09/10/1998

Le sixcentième Maroc

Volgens goed stedebouwkundig gebruik worden nieuwe functies geacht zich te vestigen in de steeds verder uitdijende periferie van de stad. In het algemeen leidt dit tot bevredigende oplossingen aangezien er in deze gebieden meer ruimte voorhanden is, de infrastructuur en de bereikbaarheid zijn beter, en de grond meestal goedkoper, zodat aan alle voorwaarden lijkt voldaan om nieuwe initiatieven tot ontplooing te laten komen. In deze "buitenwijken" is echter ook reeds waar te nemen dat hier niet gewoond wordt op een manier die in een juiste verhouding staat tot de mix van nationaliteiten die de Nederlands bevolking is. Steeds vaker verworden buitenwijken tot monoculturen.

Retroactieve historische plaatsbepaling

Wanneer je bekijkt op welke wijze de vestiging van de bevolkingsgroep Gouwenaren van Marokkaanse komaf manifester tot uitdrukking kan komen in het multiculturele stadsbeeld, ligt het niet voor de hand om de locatie te zoeken in een monoculturele buitenwijk als Vreewijk waar het merendeel van de "medelanders" is gehuisvest. Weliswaar wonen daar de vermoedelijke gebruikers van de te ontwerpen voorzieningen zoals een moskee, badhuis en markt, maar de uitwisseling met de andere culturen, die de stad rijk is of nog wordt, zal ver te zoeken zijn. Wanneer men op evenredigheidsbasis daadwerkelijk recht wil doen aan het verlangen naar (inter)culturele manifestatie van de Marokkaanse medelanders in een multiculturele samenleving, zal er gezocht moeten worden naar een vestigingsplaats middenin het historische centrum, daar waar zich van oudsher de locale cultuur bevindt.

6%

Aangezien de Marokkaanse gemeenschap 6% van de Goudse bevolking beslaat is dan ook gezocht naar een locatie die 6% beslaat van de bouwbare ruimte binnen de grenzen van de historische stad, zodat deze gemeenschap haar culturele aanwezigheid terugherkent in 6% van het cultuurdragende stedelijke gebied. De zogenaamde "Verheul-locatie" aan het Raam en de Vlamingstraat lijkt hiervoor uitermate geschikt. Het programma dat kan worden opgesteld voor dit gebied is in cultureel opzicht dan ook enkele malen groter dan alleen de eerder genoemde clichébeelden van faciliteiten als het badhuis, moskee, markt, bazaar en het onvermijdelijke Marokkaanse jongerencentrum, dat bij de autochtone bevolking schrikbeelden van criminaliteit, overlast en huiswaardedaling met zich meebrengt. Het beoogt ook ruimte te bieden aan initiatieven variërend van een voetbalclub tot aanleunwoningen voor Marokkaanse ouderen. Wanneer voor al deze en toekomstige initiatieven nu reeds de plaats en bestemming wordt vastgelegd in een stedebouwkundig plan/3-dimensionaal bestemmingsplan in hoofdlijnen voor de "Verheul-locatie", wordt voorkomen dat voor elk nieuw initiatief steeds weer strijd moet worden geleverd, en kan er vergelijkbaar met een "quartier latin" een "sixcentième Maroc" ontstaan.

Culturele herkenning

In de wetenschap dat het onmogelijk en zelfs onwenselijk is om in Nederland op Walt Disney achtige wijze een authentiek Marokkaans gebouw na te bootsen, wordt er in het plan gebruik gemaakt van culturele herkenning. Er is gestreefd naar een overeenkomst op het archetypische niveau, slim gebruik makend van de geldende locale richtlijnen voor behoud van historische gevels, gevelbreedtes, minimale gevelhoogtes, maximale nok en goothoogtes die zijn vastgelegd in het bestemmingsplan.

Omdat de identiteit van de Nederlandse stad is vastgelegd in de deels monumentale gevelwanden en de parcelering van het bouwblok worden deze behouden. Alleen het grillig gevormde gebied dat op dit moment onbebouwd is en waarop dus geen Nederlandse culturele claim ligt, wordt gebruikt voor "le sixcentième Maroc", waardoor er een bouwmassa met ommuurde pleinen ontstaat, een soort stedelijk interieur.

Stedebouwkundig plan in Hoofdlijnen

De bouwmassa toont zich op diverse plaatsen door gaten in de gevelwand van het bouwblok aan de straat en is daar over de eerste 12 meter achter de gevel onderhevig aan de gevelbreedte-, goot- en nok-hoogte regels die gekoppeld aan de maximale zichtlijn vanaf de straatzijde een zeer plastisch driedimensionaal daklandschap opleveren. De eerste 12 meter bouwmassa wordt, analoog aan de woningen in een traditionele Marokkaanse stad, zeer sober en zonder detail wordt uitgevoerd, en is vooral bestemd voor diverse soorten woningbouw, waarvan het interieur zich voornamelijk richt op het gebruik van de dakterrassen.
Vanaf 12 meter achter de gevel geldt nog slechts dat de bouwmassa niet waarneembaar mag zijn vanaf de straatzijde, en kan de massa op ieder gewenste manier worden ingevuld. In dit middengebied is het juist de bedoeling om in de architectuur van de gebouwen veel aandacht te besteden aan de tactiliteit en de grafische weelde van de gevel, zodat dit de aangewezen plaats is voor een "traditionele" minaret, moskee en badhuis. Op de riante binnenpleinen ontstaat er ruimte voor zowel een marktplein, een sportveld als diverse kleinere tuinen. Hierdoor ontstaat er op een stedebouwkundig niveau een kleine Marokkaanse stad, waarvan de grootste schatten pas zichtbaar zijn als je haar betreedt en er "cultuur" mee uitwisselt.
previous next